Disclaimer: deze blog is informatief van aard en gebaseerd op persoonlijke ervaring, niet op professionele kwalificaties.
Moeten we 'Science-Based Training' altijd letterlijk volgen om optimaal te trainen?
Nee. Wetenschappelijke kennis over maximale groei is waardevol, maar moet realistisch worden toegepast. Je moet de principes van de wetenschap aanpassen aan jouw middelen (geen machine nodig), jouw fysieke gevoel (een oefening die jou beter ligt), en het plezier dat je eraan beleeft, zodat je de training consistenter kunt volhouden.
Science-based training was de afgelopen jaren de sleutelterm in de fitfluencer-wereld. De ene helft geloofde heilig in de meetresultaten, de andere helft behandelde het als de as van het kwaad. De werkelijkheid ligt, zoals altijd, in het realistische snijpunt.
Daarom leg ik je graag uit hoe ik met de wetenschap in training omga: ik gebruik de kennis, maar ik verwerp het dogma.
De waarde van kennis
Laten we voorop stellen dat ik de wetenschap niet afwijs. Onderzoek vertelt ons íets. Het bewijst waarom dingen werken, zoals dat maximale spiergroei vaak wordt bereikt onder volledige stretch en lengthened posities. En omdat de hoeveelheid kennis groeit, kan het inderdaad zo zijn dat dingen die we altijd dachten niet meer blijken te kloppen.
Het probleem ligt echter op een ander vlak: de vertaling naar jouw praktijk. Die is vaak anders dan de ideale setting waarin de onderzoeken hebben plaatsgevonden. Wetenschap geeft ons de ideale blauwdruk, maar die blauwdruk houdt geen rekening met drie cruciale factoren waar de gemiddelde sporter mee te maken heeft.
Context en middelen
De wetenschap zegt iets over hoe goed iets werkt, maar ook onder welke omstandigheden. Ik loop zelf regelmatig tegen dit obstakel aan. Ik zie de optimale manier om een spier te trainen —bijvoorbeeld een specifieke cable oefening met een machine die de weerstandscurve perfect volgt— en ik besef: ik heb geen toegang tot die machine, want ik train niet in een gym.
De machine werkt misschien beter, maar moet ik die spier dan maar helemaal negeren?
Nee. Je kan de wetenschappelijke principes benutten, binnen je eigen beperkingen. Is de cable curl behind the back optimaal omdat je de bicep maximaal kan stretchen? Dan doe ik, zonder machine, liever een Pelican Curl met mijn zelfgemaakte TRX, of op een klimrek. De wetenschap vertelt mij wat ik wil bereiken (maximale stretch onder spanning); mijn eigen out-of-the-box aanpak zoekt de oplossing.
Uitvoering en gevoel
In het geval van de curl heb ik iets gevonden wat in de buurt komt. Wat nu als een bepaalde oefening, die wetenschappelijk bewezen beter is, jou helemaal niet ligt? Wanneer je er geen goed gevoel bij hebt laat je hem misschien wel links liggen. Of je doet hem wel, maar de uitvoering laat te wensen over.
Een oefening mag dan de maximale groei faciliteren, maar als je je er niet goed bij voelt, doe je hem dan wel met de intensiteit en focus die nodig zijn? Of kun je beter een andere oefening doen die jou beter ligt en die je daardoor consistenter en intenser uitvoert, wat uiteindelijk tot betere resultaten leidt? Je eigen body-feedback is een krachtige, wetenschappelijk niet te meten variabele.
Plezier boven perfectionisme
Wanneer je iedere dag dezelfde technisch perfecte oefeningen moet doen, omdat die nu eenmaal 'het beste' werken, kan de lol er snel af zijn.
Als je van je sport leeft —zoals bodybuilders, fitnessmodellen en fitfluencers— is de beloning de sleur vaak waard. Maar als je vooral gezond, sterk en fit wilt zijn, dan is het beter om een methode te vinden die je langdurig kunt volhouden. Ook als die methode in een laboratorium 5% minder optimaal scoort.
Wanneer je mijn visie zou moeten samenvatten, dan doe ik dat zo. Sluit de wetenschap niet uit, maar pak de kennis eruit die jou inspireert en informeert. Zijn er dingen die jou niet liggen, of die je middelen te boven gaan? Dan is de wetenschap niet verkeerd, maar mag je nog altijd gewoon slim en realistisch zijn. Die realistische aanpak zal je uiteindelijk het meest opleveren.

Reacties
Een reactie posten